Een deels geïsoleerd dak wordt beoordeeld op basis van het percentage van het totale dakoppervlak dat daadwerkelijk is voorzien van isolatie. Conform de NTA 8800 geldt een woning als geïsoleerd wanneer meer dan 70% van het totale oppervlak van de uitwendige scheidingsconstructies minimaal 1 cm isolatie of spouw bevat. Of een gedeeltelijk geïsoleerd dak hier wel of niet aan voldoet, heeft directe gevolgen voor het energielabel dat je woning krijgt. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de dakisolatiebeoordeling bij een energielabelopname.
Welke isolatiewaarde wordt gebruikt bij een gedeeltelijk geïsoleerd dak?
Bij een gedeeltelijk geïsoleerd dak bepaalt de EP-adviseur per constructievlak welke isolatiewaarde van toepassing is. De niet-geïsoleerde dakdelen en de geïsoleerde dakdelen worden apart beoordeeld en krijgen elk een eigen thermische weerstand (Rc-waarde) toegewezen op basis van de aanwezige isolatiedikte en het bouwjaar. Er is geen gemiddelde dat de twee samenvoegt tot één waarde.
In de praktijk betekent dit dat een adviseur bij een gedeeltelijk geïsoleerd dak twee afzonderlijke constructievlakken invoert in de energieprestatieberekening. Het ongeïsoleerde deel heeft een lage Rc-waarde, het geïsoleerde deel een hogere. Beide vlakken wegen mee naar verhouding van hun oppervlakte. Hoe groter het ongeïsoleerde deel, hoe meer warmteverlies er via het dak wordt berekend en hoe groter de negatieve invloed op de energielabelberekening.
Als de locatie van de isolatie onbekend is, bijvoorbeeld omdat niet duidelijk is of de isolatie in het dak of in het plafond zit, maakt de adviseur een onderbouwde keuze en legt die vast in het projectdossier. De thermische schil in de dakconstructie is daarbij de meest maatgevende keuze, omdat die een groter verliesoppervlak heeft. Wanneer de dakisolatie helemaal onbekend is, wordt de isolatiewaarde bepaald op basis van het bouwjaar van de woning.
Hoe beïnvloedt een deels geïsoleerd dak het energielabel?
Een deels geïsoleerd dak heeft een negatief effect op het energielabel, omdat het ongeïsoleerde dakdeel zorgt voor extra warmteverlies. Hoe groot dat effect is, hangt af van de verhouding tussen het geïsoleerde en het ongeïsoleerde oppervlak, en van de kwaliteit van de isolatie die wel aanwezig is. Bij een groot ongeïsoleerd dakdeel kan dit het verschil maken tussen een label C en een label E.
Het dak is een van de grootste warmteverliespunten van een woning. Warmte stijgt op en verdwijnt via een slecht geïsoleerd dak snel naar buiten. In de energieprestatieberekening telt elke vierkante meter dakoppervlak mee. Een dak waarvan de helft niet geïsoleerd is, levert daarmee een aanzienlijk hoger warmteverlies op dan een volledig geïsoleerd dak, zelfs als de rest van de woning goed is geïsoleerd.
Daarnaast speelt het daktype een rol. Bij eengezinswoningen maakt de NTA 8800 onderscheid tussen een hellend dak, een plat dak en een gedeeltelijk plat dak. Die laatste categorie is alleen van toepassing bij vrijstaande woningen. Het daktype bepaalt mede welke uitvoeringsvariant de adviseur hanteert, die op zijn beurt de berekening van het energielabel beïnvloedt. Een combinatie van dakvormen, zoals een gedeeltelijk hellend en gedeeltelijk plat dak, vraagt om een weloverwogen keuze waarbij het grootste dakoppervlak van het hoofdgebouwdeel leidend is.
Wat telt als dakisolatie bij de energielabelopname?
Bij de energielabelopname telt dakisolatie mee als de aanwezige isolatielaag minimaal 1 cm dik is, of als er sprake is van een spouw. Dit is de drempelwaarde die bepaalt of een constructievlak als geïsoleerd wordt beschouwd. Isolatie die dunner is dan 1 cm wordt niet meegeteld als effectieve isolatie, ook al is er technisch gezien een laagje aanwezig.
De isolatie kan zich op verschillende plekken in de dakconstructie bevinden. Bij een hellend dak kan de isolatie tussen de dakspanten zitten, op de zoldervloer liggen of in het schuine dakvlak zijn aangebracht. Elk van die posities leidt tot een andere invulling van de thermische schil. Als de zoldervloer de thermische schil vormt, blijft het daktype in de berekening wel gewoon “hellend”, ook al wordt de zoldervloer als apart constructievlak ingevoerd.
Belangrijk is ook de 70%-regel: een woning wordt als geïsoleerd aangemerkt wanneer meer dan 70% van het totale oppervlak van de gesloten uitwendige scheidingsconstructies, inclusief wanden, vloeren en daken, minimaal 1 cm isolatie of spouw bevat. Ramen en deuren tellen daarin niet mee. Dit heeft gevolgen voor hoe een gedeeltelijk geïsoleerd dak bijdraagt aan de algehele beoordeling van de woning.
Moet de adviseur het dak inspecteren of volstaan foto’s en documenten?
De EP-adviseur moet in principe de dakconstructie fysiek kunnen beoordelen, maar bij een deels geïsoleerd dak zijn foto’s en documenten een waardevolle aanvulling, geen volwaardig alternatief. Als de adviseur ter plekke dakisolatie vaststelt maar niet kan bepalen wanneer die is aangebracht, mogen openbare bronnen zoals Google Street View of Topotijdreis worden gebruikt om het renovatiejaar te onderbouwen.
Dit is relevant voor het vaststellen van het renovatiejaar, dat bepaalt welke isolatiewaarden worden toegepast in de berekening. Als uit archieffoto’s blijkt dat het dak in een bepaald jaar is verhoogd of vernieuwd, kan de adviseur op basis van dat jaar het juiste beslisschema doorlopen. Wel is het verstandig om de URL’s van de gebruikte foto’s op te nemen in het projectdossier, zodat de herkomst van de informatie achteraf traceerbaar en controleerbaar is.
Als de isolatie wel zichtbaar aanwezig is maar niet duidelijk is of die in het dak of in het plafond zit, maakt de adviseur een onderbouwde keuze. Die keuze legt hij vast in het dossier. De meest conservatieve aanpak, en daarmee de meest betrouwbare voor de berekening, is om de thermische schil in de dakconstructie te leggen, omdat dat het grootste verliesoppervlak oplevert.
Wat kun je doen om het dakdeel te verbeteren vóór de labelopname?
Als je weet dat een deel van je dak niet geïsoleerd is, kun je gerichte maatregelen nemen vóór de energielabelopname om het resultaat te verbeteren. De meest effectieve aanpak is het alsnog isoleren van het ongeïsoleerde dakdeel, zodat de adviseur een hoger percentage geïsoleerd oppervlak kan vaststellen. Hoe groter het geïsoleerde oppervlak, hoe lager het berekende warmteverlies via het dak.
Praktische stappen die je kunt overwegen:
- Laat het ongeïsoleerde dakdeel na-isoleren met gespoten PUR, isolatieplaten of glaswol, afhankelijk van de constructie
- Zorg voor schriftelijk bewijs van de uitgevoerde isolatiewerkzaamheden, zoals een factuur of werkbon met datum, zodat de adviseur het renovatiejaar kan vaststellen
- Controleer of de isolatie minimaal 1 cm dik is, want dunner telt niet mee in de berekening
- Vraag vooraf advies over welk dakdeel de meeste impact heeft op het energielabel, zodat je de investering gericht inzet
Het is ook nuttig om vóór de opname te inventariseren welke andere onderdelen van de thermische schil al goed op orde zijn. Als de wanden en vloer al goed geïsoleerd zijn, kan een verbetering van het dak het verschil maken voor het behalen van een hoger label. Een betere dakisolatiebeoordeling leidt niet alleen tot een beter energielabel, maar verlaagt ook de energiekosten en vergroot het wooncomfort.
Zo helpen wij je met de beoordeling van je dakisolatie
Twijfel je of jouw deels geïsoleerde dak goed scoort bij de energielabelbeoordeling, of wil je weten welke verbeteringen het meeste opleveren vóór de opname? Wij helpen je daar concreet bij:
- We voeren een professionele woningopname uit waarbij we elk dakdeel zorgvuldig beoordelen en correct invoeren in de energieprestatieberekening
- We geven je persoonlijk advies over welke isolatiemaatregelen het hoogst haalbare energielabel opleveren voor jouw specifieke woningsituatie
- We begeleiden je van het eerste adviesgesprek tot de officiële registratie van het energielabel
- We adviseren je ook over de vastgoedwaarde van je woning, zodat je weet wat een beter energielabel betekent voor de verkoop- of verhuurprijs
Wil je weten wat wij voor jouw woning kunnen betekenen? Neem contact met ons op en we kijken samen naar de beste aanpak voor jouw dak en energielabel.